gutsbank

geplaatst in: Woord van de dag | 0

‘Splits de nutsbank van de gutsbanken’, schreef De Volkskrant afgelopen dinsdag. Met het woord nutsbank (vroeger soms met hoofdletter gespeld) werd voorheen meestal verwezen naar de Nutsspaarbank: een bank, meestal ergens rond 1800 opgericht door de Maatschappij tot Nut van het Algemeen, bedoeld als spaar- en kredietbank voor de gewone man. Het is echter alweer jaren geleden dat de Nutsspaarbanken zijn opgegaan in VSB Bank (nu onderdeel van ABN) of SNS Bank.

Geen haute finance

Sinds de kredietcrisis heeft het woord nutsbank een nieuwe betekenis gekregen. Er wordt een commerciële bank mee bedoeld die het betalingsverkeer verzorgt en die geld van spaarders aantrekt om dat aan particulieren en bedrijven uit te lenen. Kenmerk van zo’n nutsbank is voorts dat hij degelijk gekapitaliseerd is en zich verre houdt van de risicovolle haute finance.

Het tegenovergestelde van de nutsbank is een gutsbank. Daarmee wordt een zakenbank bedoeld die zich bezighoudt met risicovolle investeringen in het bedrijfsleven: een investerings- of durfbank dus.

Sinds 2010 werd gutsbank in totaal een keer of vijf in de media aangetroffen, dus echt courant is het woord nog lang niet. In de bancaire wereld is het naar verluidt al wel wat bekender en omdat de economie nu goed draait én omdat NIBC (de voormalige Nationale Investeringsbank) volgende week naar de beurs gaat, denken we dat gutsbank weleens op doorbreken zou kunnen staan.

Hybride samenstelling

Gutsbank is een hybride samenstelling, gevormd van het Engelse woord guts (u weet wel: van no guts, no glory) in de betekenis lef, durf of moed, en ons eigen woord bank. Elk nieuw woord moet zich natuurlijk welkom voelen in onze woordenschat, maar echt nodig hebben we gutsbank niet, want, zoals gezegd, we beschikken al over durf– en investeringsbank in de Dikke Van Dale.

Uitspraak

Doordat gutsbank afgelopen dinsdag in het Volkskrant-artikel samen wordt genoemd met nutsbank, merkten we dat het lezen van nuts- en gutsbank geen enkel probleem is. Maar toen we de woorden vervolgens hardop uitspraken, merkten we wel iets raars: gewoonlijk spreken we guts (‘heb de guts eens!’) met een Engelse tongval uit, maar zodra we guts- en nutsbank in één adem uitspreken, krijgen we opeens de neiging guts uit te spreken met de g van gul en gunst en om nuts en guts ook nog eens te laten assoneren.

Woorden, je blijft je erover verbazen!

Definitie

gutsbank (de, -en), investeringsbank <-> nutsbank

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.