hart- en zielzorger

hart- en zielzorger

geplaatst in: Woord van de dag | 0

In Trouw staat vandaag een interview over het begrip voltooid leven (‘Het is opmerkelijk hoe snel in Nederland het begrip voltooid leven over de toonbank geschoven en geadopteerd is, zonder dat duidelijk is wat ermee bedoeld kan zijn.’) met een geestelijk verzorger die wordt getypeerd als

hart- en zielzorger bij het Daan Theeuwes Centrum in Woerden

Het woord zielzorger is bekend en staat ook in de Dikke Van Dale, maar een hartzorger? Na het lezen van het interview is wel ongeveer duidelijk wat daarmee bedoeld wordt, zeker in de combinatie hart- en zielzorger, waarin tevens de uitdrukking (met) hart en ziel doorklinkt. Maar gebruikelijk is hartzorger bepaald niet.

Ook de combinatie hart- en zielzorger blijkt op internet nauwelijks te vinden te zijn en áls dit woord opduikt, gaat het meestal over de geïnterviewde persoon in Trouw. Vermoedelijk is het een zelfbedachte beroepsnaam, die synoniem is met geestelijk verzorger, waarbij het element hart benadrukt dat de zorg zich niet alleen uitstrekt tot het geestelijk leven maar ook tot de emotie. Daarnaast verbindt hart- en zielzorger het hart (gevoel) met het hoofd (ratio) én zegt het – dankzij de associatie met de uitdrukking met hart en ziel (volkomen oprecht en met volle toewijding) – iets over de hart- en zielzorger zelf. Dat is kennelijk een zeer toegewijde geestelijk verzorger.

Vroeger werd met een geestelijk verzorger meestal een ‘zielenherder’ aangeduid: een (protestantse of rooms-katholieke) geestelijke die mensen bijstond in hun geestelijk leven (hun gevoelens, veelal in relatie tot hun geloofsbeleving) en in het bijzonder in hun geestelijke nood. Later werd ook de humanistisch raadsman wel een geestelijk verzorger genoemd, omdat hij/zij mensen niet zozeer zielzorg biedt (immers: bestaat er binnen het humanisme wel een lichaam-zieldualiteit?) als wel bijstaat in hun gevoelsleven. In de term hart- en zielzorger worden de beide aspecten – het aardse gevoel en het geestelijk leven – van de al-dan-niet-gelovige verenigd.

Definitie

hart- en zielzorger (de, -s) geestelijk verzorger

Laat een reactie achter