peukentegel

geplaatst in: Woord van de dag | 0

Op 21 november 2008 berichtte De Telegraaf over een nieuw fenomeen: een dag eerder was de allereerste peukentegel gelegd op het Doelwater in Rotterdam. Dat speciale afvalputje voor sigaretten moest voorkomen dat rokers de straat bezaaien met uitgedrukte peuken. In hetzelfde bericht werd het ook een asbaktegel genoemd. Peukentegel en asbaktegel verdwenen allebei weer snel uit het nieuws. Tot medio 2010. Toen berichtte De Gelderlander dat er bij de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (de HAN) peukentegels zouden worden gelegd. Voor de studenten. Eind 2012 bleek het fenomeen toch gewoner dan we hadden gedacht: in Amsterdam lagen volgens De Telegraaf ook acht peukentegels; roosters, gelijk met de grond, met een afvalbak eronder waar klein afval in opgeslagen wordt.’ Daarna werd het betrekkelijk stil rond het woord.

De peukentegel was een nogal Nederlandse aangelegenheid. Belgische kranten schreven er dan ook niet over. Begrijpelijkerwijs, want zoveel hebben die peukentegels nu ook weer niet om het lijf.

Vandaag komt daar verandering in. De grote nieuwsmedia in België berichten dat er in België op grote schaal peukentegels zullen worden geplaatst ter bestrijding van zwerfvuil. De tegels worden gefinancierd door de tabaksindustrie. Op Twitter wordt peukentegel daarom nu vrij massaal voorgedragen als Woord van het Jaar. Dat is nou ook weer niet nodig, want het is dus geen nieuw woord.

Hoewel, ook al is het in Nederland niet nieuw, in België is het dat wel. Peukentegel maakt dan ook duidelijk dat Nederland en het Nederlandstalige deel van België weliswaar één taalgebied vormen, maar dat ondanks die eenheid een woord in het ene staatkundige deel oud nieuws kan zijn terwijl het in het andere deel ervan splinternieuw is.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.