ontopenen

geplaatst in: Woord van de dag | 0

Jean-Pierre Geelen schrijft vandaag in de Volkskrant een prikkelende column over het woord ontsluiten. Dat is momenteel nogal in de mode: bedrijfsovernames worden gemotiveerd om ‘verborgen waarde te ontsluiten’, overheden leggen snelwegen aan om hele ‘provincies te ontsluiten’ en jongeren blijven gamen om steeds maar weer het volgende ‘level te kunnen ontsluiten’.

Ontsluiten betekent volgens Van Dale ‘openen’ of ‘toegankelijk maken’ en vooral in die laatste betekenis is het werkwoord inderdaad een mode-, zo niet een codewoord geworden. En Geelen heeft er een beetje genoeg van. Hij besluit zijn column dan ook: ‘Het leven kan niet zonder ontsluiting. Maar de boel een beetje ontopenen kan soms helemaal geen kwaad.’

In Lexisnexis, de omvattende krantendatabank van de laatste 25 jaar, is het werkwoord ontopenen niet te vinden en ook op internet wordt het in recente teksten niet meer aangetroffen, maar in de context waarin Geelen dit onbekende werkwoord gebruikt, kan het haast niet anders of het betekent ‘sluiten’. Geelen heeft ontopenen dan ook hoogstpersoonlijk gevormd door het voorvoegsel ont- in de betekenis ‘het tegenovergestelde doen van wat het grondwoord uitdrukt’ te combineren met het werkwoord openen met het doel een antoniem (een woord met tegenovergestelde betekenis) van ontsluiten te creëren. Dat is een normale manier van woordvorming. Op dezelfde wijze zijn bijvoorbeeld ook ontheiligen, ontkerkelijken, ontspannen, onthullen en ontsieren gevormd. Niets mis mee, dus, met dat woord ontopenen.

comebackwoord

Saillant is dat ontopenen eigenlijk een comebackwoord is, want in de middeleeuwen werd het ook al gebruikt. Destijds echter in een totaal andere betekenis. In ‘zijn gemoed ontopenen’ betekende ontopenen niet sluiten, maar… ontsluiten. Het middeleeuwse werkwoord ontopenen is namelijk gevormd door het voorvoegsel ont– in de betekenis ‘de door het grondwoord genoemde handeling beginnen’ te combineren met een werkwoord (in dit geval: openen). Wie zijn gemoed ontopende, hield zijn emoties destijds dus niet meer voor zich, maar begon juist met het openbaren van zijn diepste zielenroerselen. Dit woordvormingsprocedé is nu niet meer productief, maar vroeger zijn er veel woorden mee gevormd van het type ontbijten (letterlijk: beginnen te bijten, dus ’s ochtends je eerste happen nemen), ontwaken (beginnen te waken) en ontvlammen (beginnen te vlammen, d.w.z. beginnen te branden).

De kans dat ontopenen over enige tijd in dit rijtje werkwoorden te vinden is, is overigens uiterst klein: voor zijn huidige betekenis is ontopenen afhankelijk van ontsluiten en alleen in contrast daarmee is dit werkwoord te snappen. Daarom is ontopenen een gelegenheidswerkwoord en zal het waarschijnlijk bij deze ene hedendaagse vindplaats blijven.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.