angstappel

geplaatst in: Woord van de dag | 1

In de Volkskrant staat vandaag een interessant artikel van politicoloog Coen de Jong over de collectieve identiteitscrisis waarin de westerse wereld verkeert, het gevoel dat onze (toekomstige) welvaart daalt, de daarmee gepaard gaande twijfels over bestaanszekerheden en de politieke onrust die daar het gevolg van is. Het artikel bevat twee interessante vreemdtalige vaktermen: fear appeal en überfremdung.

überfremdung

De Jong schrijft: ‘De westerse wereld is in verwarring en is bang voor zijn toekomst, afgaande op alle doemscenario’s over opkomend fascisme of juist over Überfremdung.’

Die hoofdletter is niet nodig. Überfremdung is allang ingeburgerd in onze taal en staat – met kleine letter gespeld – gewoon in de Dikke Van Dale. Die definieert het woord als ‘overheersing door vreemdelingen, door buitenlanders’. Heterarchie (‘overheersing door vreemden’) heet dat met een geleerde term, maar eigenlijk verdient überfremdung wel wat meer uitleg. Het is namelijk een beladen woord dat we gemakkelijk associëren met het (opkomend) fascisme in de jaren dertig en veertig van de vorige eeuw. Het dateert ook uit die tijd: in 1929 werd het in het Duits geïntroduceerd als een economische term, maar al snel werd het getransformeerd tot kernwoord in het nationalisme en het antisemitisme van de nazi’s. Door die connotatie wordt überfremdung de laatste jaren soms gebruikt om de rechtspopulistische kritiek op de multiculturele samenleving te framen als fascistisch, maar de term wordt de laatste tijd ook wel zonder die connotatie, dus vrij neutraal, gebruikt. De betekenis is iets verschoven en kan worden omschreven als ‘overheersing door mensen met een migratieachtergrond en overbeïnvloeding door hun cultuuruitingen’.

fear appeal

Fear appeal is een vakterm uit de psychologie en de sociologie die ook geregeld in de marketing wordt gebruikt. Het woord verwijst naar beïnvloeding van menselijk gedrag door aan angstgevoelens te appelleren. De Jong schrijft: ‘Kiezers uit de midden- en lagere klassen laten hun stemgedrag bepalen door fear appeal. Ze krijgen vervolgens van de centrumrechtse partijen economisch beleid voorgeschoteld dat hen armer of onzekerder maakt, terwijl het gevoel van bedreiging van de identiteit niet weg is.’

Fear appeal heeft in 2016 zijn entree gemaakt in de omgangstaal, of beter gezegd in de media, maar is nog ongewoon. Daarom zou een korte verklaring van de term niet hebben misstaan in het artikel van De Jong. Als fear appeal zo belangrijk is – niet alleen in de wetenschap maar blijkbaar ook in de politiek – waarom wordt dan niet gewoon omschreven wat met deze vakterm wordt bedoeld: ‘Kiezers uit de midden- en lagere klassen laten hun stemgedrag bepalen doordat politici inspelen op angstgevoelens.’ Dat is toch veel duidelijker? Bovendien, als deze drijfveer écht belangrijk is, waarom werpt de schrijver zich dan niet op als vertaler van de vakterm: in het Duits is Angstappel al ingeburgerd, in het Afrikaans tref je soms vreesberoep aan. Het ligt voor de hand fear appeal ook in het Nederlands te vertalen als angstappel. Als er nog vaak over deze drijfveer achter het menselijk handelen wordt geschreven, zal angstappel dan ook vrijwel zeker zijn entree maken in onze taal. 

 

het-taaljaar-2016-300x250-1

  1. Arjan Gout

    Naast een adamsappel kunnen we dus ook een angstappel hebben.
    Wat een waanzin van die spellingcommissie om het accent op de ‘e’ af te schaffen.
    Was er iets mis aan ‘appèl’? Zit hier een gedachte achter? Zo ja, welke?

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.