plukplan

plukplan

geplaatst in: Woord van de dag | 0

‘Afschuw over plukplan’, kopt De Telegraaf vanochtend. Plukplan is zo’n typisch Telegraaf-woord ter uitdrukking van de verontwaardiging die de Krant van Wakker Nederland onder de bevolking gepeild heeft. Plukplan is kort, allitereert lekker en berust op de doorzichtige en alom bekende metafoor plukken ter aanduiding van geld afpakken. Het enige dat afdoet aan de kwaliteit van het woord is de voorspelbaarheid ervan. Plukplan mag journalistiek gezien een goed gekozen woord zijn, het is tegelijkertijd niet meer dan een gelegenheidswoord. Daarom is het lexicografisch niet zo interessant.

Interessanter is misschien wel het woord waarmee Geert Wilders reageerde op het plukplan. Hij noemde het ouderenhaat. Daarmee bedoelde hij natuurlijk niet dat het plan zelf ouderenhaat is, maar dat het symbool staat voor de vermeende ouderenhaat van de ambtenaren die het plan bedacht hebben. Het woord beschrijft niets, nee, het verwoordt het beeld dat sommige ouderen van de bureaucratie en de overheid hebben.

Is daar een grond voor? Haten ambtenaren, bureaucraten en andere overheidsdienaren ouderen dan?

Nee. Haat in ouderenhaat is puur hyperbolisch gebruikt. Het staat niet voor het gevoel van diepe afkeer dat het woord haat normaliter tot uitdrukking brengt. Want ambtenaren handelen niet vanuit hun gevoel, dat weet Geert ook wel, maar vanuit de wet, het recht en het maatschappelijk draagvlak. Het woord ouderenhaat geeft dus een emotionele lading aan het niet-emotionele handelen van de ambtenaar.

Dat is politiek. Maar het is ook een trend in onze taal. Eenzelfde emotionele lading krijgen bijvoorbeeld ook andere thema’s in het maatschappelijk debat die daardoor niet meer in hun historisch-culturele of literaire context (bv. monsieur Cannibale in de Efteling) kunnen worden beoordeeld, maar louter vanuit synchroon-emotioneel perspectief worden bekritiseerd. Door thema’s alleen nog maar te benoemen met emotiebeladen woorden worden koele, redelijke discussies met rationele argumenten in feite onmogelijk gemaakt.

Het woord ouderenhaat staat niet op zichzelf. Iets wat ongunstig uitpakt voor een groep, wordt al snel in termen van haat beschreven. Zo wordt het benoemen van de nadelen van de komst van veel vreemdelingen al snel vreemdelingenhaat genoemd, heet het inruilen van de studiefinanciering voor een studielening zomaar studentenhaat en wordt het opkomen voor vrouwenrechten nog altijd mannenhaat genoemd. Het zijn allemaal hyperbolische samenstellingen met haat waar de lexicograaf niet zoveel mee kan, maar waar de socioloog of massapsycholoog misschien wel zijn zegje over zou moeten doen.

Laat een reactie achter