ik-lit

geplaatst in: Woord van de dag | 0

Vandaag schrijft Trouw-columniste Naema Tahir over de autobiografie De wereld van gisteren van Stefan Zweig (1881-1942). Zweig heeft het daarin nauwelijks over zichzelf, in elk geval niet over zijn emoties. Dat is wel anders met hedendaagse schrijvers, zoals de Noor Karl Ove Knausgard, wiens autobiografie Min Kamp (‘Mijn strijd’) op dit moment razend populair is. ‘Niets wordt met de mantel der liefde toegedekt,’ schrijft Tahir, ‘niets wordt vanuit een gevoel van schaamte overgeslagen. Een totale ontbloting. Ik noem het, in navolging van chicklit, “ik-lit”. Lezers zijn er dol op.’

Ik-lit is dus de ultieme, extreme egoliteratuur. Het woord ik-lit is goed gekozen, al heeft het meteen wel een negatief bijklankje, dat ook aan het woord chicklit kleeft.

Helemaal nieuw is ik-lit trouwens niet. Een paar jaar geleden werd er in De Balie in Amsterdam een discussie georganiseerd onder de titel ‘Generatie Ik lit’. Het idee was toen ‘dat jonge schrijvers het schrijven van literatuur niet als einddoel zien, maar als middel om bekend te worden, om populair te zijn, om meer volgers op Twitter te krijgen.’ Dat is wel een wat andere betekenis van ik-lit, dat nu – ook al is het nog een incourant woord – dus al twee betekenissen heeft: 1 egoliteratuur die een extreme vorm van zelfbeschrijving behelst; 2 literatuur die geschreven wordt om de persoonlijke populariteit van de schrijver te vergroten.

Dat laatste type literatuur is trouwens van alle tijden, maar er is eigenlijk nog nooit een fatsoenlijke naam voor bedacht.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.