spooknet

spooknet

geplaatst in: Woord van de dag | 0

De Telegraaf schrijft vandaag over sokken die gemaakt zijn van spooknetten. Daarmee worden verloren visnetten bedoeld. Zo’n 10 procent van het afval in zee bestaat daaruit.

De naam spooknet is niet nieuw. In 2000 dook het woord voor het eerst op in de krant, en sindsdien tref je het elk jaar wel een of twee keer aan in een krantenartikel. De naam spooknet is gekozen omdat de verloren gegane visnetten van kunststof nog eeuwenlang intact blijven en talloze slachtoffers maken. Vissen natuurlijk, maar ook dolfijnen, schildpadden, krabben en zeehonden kunnen in spooknetten verstrikt raken. Ze sterven dan een nare dood.

Spooknet is een woord dat vertaald is uit het Engels. In die taal wordt ghost net vooral gebruikt voor de ‘staande’ netten die in de vleetvisserij worden gebruikt: netten van ruim 30 meter hoog die onderaan verzwaard zijn en drijvend worden gehouden door breels (een soort drijftonnen). Als zo’n net onbeheerd achterblijft in de zee of de oceaan, kan het jarenlang slachtoffers maken: vissen zwemmen zich erin vast en het net zinkt pas als de ‘vangst’ zo zwaar is dat het drijvende vermogen van de breels niet meer opweegt tegen het gewicht in het net, waardoor dit zinkt. Als de vissen op de bodem van de zee opgegeten of vergaan zijn, gaat het net dankzij de breels  vaak weer omhoog, waardoor er opnieuw vissen in verstrikt kunnen raken. Dit proces kan zich tientallen malen herhalen. Tot het spooknet uiteindelijk in het ongerede is geraakt.

Spooknetten opvissen is een nuttig, maar heidens karwei. Omdat er bovendien steeds nieuwe spooknetten bij komen, zal het probleem ook wel blijven bestaan. Dat betekent dat ook het woord waarschijnlijk nog een lange toekomst heeft.

Laat een reactie achter