aanmodderfakker

aanmodderfakker

geplaatst in: Woord van de dag | 0

Een lapzwans, een nietsnut, een kringetjesspuwer, een lorrenbos, een lorejas, een voddenvent, een slampamper, een baliekluiver, een bruggenbijter, een schansloper, een ledigganger, een leuningbijter, een loop-in-‘t-lijntje, kortom een motherfucker die maar wat aanmoddert in zijn leven, zo zou je een aanmodderfucker kunnen omschrijven.

Aanmodderfakker (met een hoofdletter) is de titel van de coming-of-agefilm van Nederlandse bodem die morgen in première gaat. ‘Hij gaat over een jongeman die zich een jongen waant, en daar ook naar leeft, (…) een eeuwige student, een jongeman die lijdt aan het Peter Pan-syndroom‘, schrijft Trouw vandaag.

Als Aanmodderfakker alleen maar de titel van een film zou zijn, zou het geen interessante taalvorm zijn, maar deze filmtitel heeft de potentie om een soortnaam te worden voor iemand die zijn leven aan het – excusez le mot – verkloten is. Sterker nog: aanmodderfakker en varianten als aanmodderfucker en -fokker hebben we de laatste dagen al een paar keer in die betekenis aangetroffen. Op Twitter vonden we op 10 oktober bijvoorbeeld dit ongezouten oordeel over Almeerse gemeentepolitici: ‘Wat een verschrikkelijk stel aanmodderfuckers!’ Aanmodderfakker is dan ook een fonetische schrijfwijze van aanmodderfucker, zoals de werktitel van de film trouwens eerder dit jaar nog luidde. In de Volkskrant stond een paar dagen geleden dat de filmtitel gebaseerd is op een woord dat regisseur Michiel ten Horn door een kennis hoorde zeggen. ‘Zij gebruikte (…) aanmodderfucker (…) toen ze over een ex-vriendje sprak.

Ook de afleiding aanmodderfakkeren hebben we al een paar keer gevonden. Zo twitterde iemand op 6 oktober dat Matthijs van Nieuwkerk aan het aanmodderfakkeren was geweest. Ook zoonlief begreep vanochtend trouwens meteen wat we bedoelden toen we bij wijze van lexicografisch experiment tegen hem zeiden: ‘Loop niet zo te aanmodderfakkeren, ga nou toch naar school.’

Aanmodderfakker is weliswaar een beetje lost in translation dankzij de klankassociatie tussen motherfucker en aanmodderen, die in de verte herinnert aan een belegen middelbareschoolgrapje van de leraar Engels (‘a careful mother is een karvol modder’). Maar dit terzijde. Zoals gezegd zou een woord dat klinkt als aanmodderfakker best weleens courant kunnen worden in onze taal, maar de vraag is dan nog wel of dat woord in de spelling aanmodderfakker of in de meer conventionele spelling aanmodderfucker (waarin motherfucker herkenbaar is) ingeburgerd zal raken. Wat ons betreft gooit aanmodderfakker dan hoge ogen.

Laat een reactie achter