Schrijfster Alma Mathijsen verblijft voor haar werk in Mexico en schrijft vandaag in haar ‘cultuurdagboek’ in NRC:
Thuis schrijf ik nooit in bed. Maar hier heb ik het bedschrijven uitgevonden. Alles vloeit moeiteloos naar buiten, waar ik in Nederland de verbanden tussen de verschillende hoofdstukken niet inzag, weet ik ineens wat ik moet doen om te zorgen dat alles op elkaar aansluit.
We kenden al het woord eetlezen, ooit bedacht door Remco Campert, en bedschrijven lijkt daarop. Lijkt, want waar de samenstelling eetlezen is gevormd van twee werkwoorden – eten en lezen – is bedschrijven gevormd van een zelfstandig gevormd van een zelfstandig naamwoord (bed) en een werkwoord (schrijven). Eetlezen en bedschrijven lijken op het eerste gezicht op elkaar, maar zijn toch verschillend.
In samenstellingen van een zelfstandig naamwoord als eerste deel en een infinitief als tweede lid benoemt het eerste woorddeel doorgaans het object van de handeling die door het tweede woorddeel wordt genoemd. Denk aan woorden als kaartlezen en gedachtelezen. Daarvan verschilt bedschrijven, waarin het eerste deel immers de locatie van de handeling noemt.
Definitie
bedschrijven (werkwoord, alleen onbepaald wijs) schrijven in bed
Geef een reactie